Puls na belasting

De hartslag na de inspanning wordt beschouwd als een indicatie van het vermogen om te herstellen na de inspanning. Het kwalitatieve niveau van het basisuithoudingsvermogen heeft een aanzienlijke invloed op de hersteltijd. De puls na belasting is dus een indirecte indicatie van de mate van basisuithoudingsvermogen. De volgende standaardwaarden (volgens Zintl, 1998) zijn een ruwe leidraad voor hersteltijden na langdurige inspanning:

  • zeer goed tot goed: 3 min en minder (hartslag 100/min)
  • bevrediging: 5 min (hartslag 100/min)

De volgende richtwaarden beschrijven de herstelkwaliteit na een kortdurende maximale belasting, waarbij de hartslag HF vijf minuten na het einde van de belasting werd gemeten (volgens Böhmer et. al. 1978):

Polsslag na belasting (HR/min)Recreatieve kwaliteit
130slecht
130 – 120Voldoende
120 – 115bevredigend
115 -105goed
105 – 100zeer goed
< 100Trainingsconditie voor hoge prestaties

Het meten van de hartslag na de training is in sommige sporten heel gebruikelijk en kan voorwaardelijk worden gebruikt bij het trainingsmanagement. Smartwatches (bv. Garmin) meten tijdens activiteiten ook een postloadpuls of herstelpulswaarde. De herstelhartslag van Garmin geeft aan hoeveel de hartslag daalt binnen een minuut na het einde van de training. Concreet betekent dit:

Belastingspols: 156 bpm
Polsslag na één minuut: 121 bpm

Dan komt de herstelslag overeen met 35 spm, aangezien de polsslag binnen één minuut met 35 slagen is gedaald.

Deel deze post